“Risico’s narcose van tevoren goed in kaart brengen”

Joost Uilenreef, Specialist Anesthesiologie en Pijnbestrijding dipl. ECVAA.

Als Europees erkend specialist Anesthesiologie en pijnmanagement waak ik over patiënten rondom een operatieve of diagnostische ingreep, waarbij sedatie of volledige anesthesie wordt ingezet. Hierbij werk ik nauw samen met de behandelend EBVS-erkend specialist, zoals een internist , radioloog of een van de chirurgen.

Net zoals bij mensen heeft het aandachtsgebied rondom narcose zich bij dieren verschoven van klaar staan om in te grijpen als de patiënt afwijkend reageert naar preventief en actief verminderen van onverwachte reacties onder narcose en daarna. Dit kan alleen door risico’s van tevoren goed in kaart te brengen en vervolgens de anesthesie zo op te tuigen dat risico’s elkaar niet versterken en problemen uit de weg worden gegaan. Alleen wanneer deze maatregelen nog niet voldoende zijn, moet ik dan soms ‘on the spot’ tijdens een anesthesie bijsturen door het hartritme te stabiliseren, een te lage of veel te hoge bloeddruk corrigeren of het extuberen en het wakker worden intensief begeleiden. Maar dat is door de nieuwe aanpak gelukkig veel minder vaak nodig.

Meestal als eerste specialist binnen Op mijn werkdagen ben ik meestal de eerste specialist die ’s ochtends het pand binnenkomt. Terwijl de anesthesie-assistenten de anesthesie-apparatuur controleren en de spullen voor de eerste operaties klaarzetten, bekijk ik zorgvuldig het dagprogramma. Van alle patiënten die niet recent bij de SDU een anesthesieprocedure hebben ondergaan, lees ik me volledig in. Door het vaak ontbreken van een goede verwijsbrief komt dit dan neer op het als een ‘Sherlock Holmes’ speuren naar zogenoemde Red Flags in de patiëntenverslagen.

Bijvoorbeeld minder gebruikelijke anesthesie-middelen op een rekening, opmerkingen over angst of onvoldoende reactie op sedatie. Maar ook melding van mogelijk systemische aandoeningen, zoals ongewenst gewichtsverlies, veel drinken, therapieresistent braken en diarree; om er een paar te noemen.

Hulp eigenaar via online anesthesievragenlijst In de bijlagen van de verslagen staat soms zeer bruikbare informatie over (hart)echo-uitslagen of afwijkende bloeduitslagen, waardoor ik een beter beeld krijg van de patiënt en het anesthesierisico. Zo’n acht maanden geleden begon ik de hulp van de eigenaar hierbij te vragen via een anesthesievragenlijst. Deze wordt door de eigenaar thuis online ingevuld. Wanneer daar aanleiding toe is, bijvoorbeeld als mensen aangeven dat hun dier de laatste paar dagen niet lekker eet, veel braakt of forse diarree heeft, bel ik ze een of twee dagen voor de geplande ingreep op om navraag te doen. In sommige gevallen besluiten we in overleg om de (electieve) procedure dan een weekje uit te stellen. Met dergelijke werkzaamheden begin ik vaak de dag. Ondertussen zijn de poli’s dan begonnen en worden de eerste patiënten aangeboden voor anesthesie. Wanneer een collega twijfelt over een hartruis of wanneer de patiënt volgens de behandelend arts mogelijk een verhoogd anesthesierisico heeft, kijk ik op hun verzoek de patiënt na en maak dan een anesthesieprotocol op maat. Wanneer het anesthesierisico duidelijk verhoogd is, bespreek ik dit ook met de eigenaar.

Telefoontjes tussendoor Tussendoor krijg ik regelmatig telefoontjes van de anesthesie-assistenten voor overleg. Eigenlijk net zoals het in een ziekenhuis gaat. De anesthesie-assistent wijkt niet van de zijde van de patiënt onder anesthesie. Hij/zij overlegt met mij wanneer de patiënt anders op de operatie of anesthesie reageert dan gewenst, zodat er meteen kan worden bijgestuurd.

Voor bepaalde specialistische handelingen (lokale anesthesietechnieken, zoals een ruggenprik, plaatsen van een arteriële bloeddruklijn) of een heel zware operatie met veel risico sta ik zelf aan de zijde van de patiënt.

-Naar volgende pagina-