Verwijscase SDU: Plots benauwde hond

Case: Jack russel teefje was sinds 1 dag plots benauwd, hoestte, kokhalsde en werd slomer.

 

Samenvatting

Jack russel teefje was sinds 1 dag plots benauwd, hoestte, kokhalsde en werd slomer.

Behandelend arts

Ronald van Noort, Europees Specialist Interne Geneeskunde, dipl. ECVIM-CA

Patiënt

Jack  Russel  teefje van bijna 9 jaren

Anamnese

Een Jack Russel van 9 jaar oud was sinds 1 dag plots benauwd, hoestte, kokhalsde en werd slomer. Het teefje wilde niet eten en drinken. De dierenarts hoorde afwijkende ademgeluiden bij ausculteren. Bij de keelinspectie leek een oranje voorwerp te zien te zijn. Maar nadat de hond onder narcose was gebracht en verder werd onderzocht kon geen vreemd voorwerp meer gezien worden diep in de keel. Ze braakte bloed en er leek bloed uit de luchtpijp te komen. Er werd vermoed dat een vreemd voorwerp (bijvoorbeeld hard plastic) in de luchtpijp en longen geschoten was. De hond werd doorgestuurd voor bronchoscopie (met kleine camera in de longen kijken).

Beeldvorming

Tijdens bronchoscopie (onder narcose) werden geen beschadigingen of vreemd voorwerp gezien in de keel. Wel wat bloed in de stemspleet en luchtpijp. In de luchtpijp en zijn vertakkingen (bronchiën) werd een sterke, bloederige zwelling gezien met bloedophoping onder het slijmvlies. Door de zwelling was de linker hoofdbronchus een stuk nauwer dan de rechter. Daardoor kon links minder diep in de long gekeken worden dan rechts. En zou een vreemd voorwerp gemist kunnen worden, wat eventueel een CT scan nuttig zou maken. Maar het beeld van bloedingen, zwelling en bloedophoping onder het slijmvlies duidt niet zozeer op een vreemd voorwerp maar kan goed passen bij een stollingsprobleem

Op foto 1 is een normaal beeld van het einde van de luchtpijp en splitsing in de linker en rechter hoofdbronchus te zien.

Foto 1

Op foto 2 zien we het beeld van deze patiënt.

Foto 2

Bevindingen

Daarom werd bloedonderzoek aangevraagd om te controleren  of de stolling afwijkend was.

Bloedstolling (hemostasis) is een ingewikkeld samenspel  tussen de bloedvatwand, de bloedplaatjes (trombocyten) en veel stollingsfactoren. Normaliter zorgt de gladde binnenkant van de bloedvaten dat er geen trombocyten aan de wand hechten. Bij beschadiging van de wand, zou er bloeding kunnen optreden. Om dit te voorkomen hechten de trombocyten zich aan de afwijkende wand (primaire hemostase, hierbij speelt de von Willebrand’s factor een  rol). Dit wekt  de stollingscascade op waarbij zo’n 12 stollingsfactoren na of met elkaar geactiveerd worden wat uiteindelijk resulteert in een fibrine plug die het gat goed afdicht.

Storingen in de stolling kunnen aangeboren of verkregen zijn. Een bekende aangeboren stollingsafwijking is gebrek aan von Willebrand’s factor wat bij sommige hondenrassen voorkomt. De meest voorkomende verkregen stollingsafwijking  ontstaat na het opeten van rattengif. Dit resulteert in sterke afname van actief vitamine K1. Omdat vit K1 een belangrijke cofactor is bij de activatie van 4 stollingsfactoren, kan snel  een grote bloedingsneiging ontstaan. Vroegere rattengiften bestonden vooral uit Warfarine, tegenwoordig worden o.a. bromadiolon, brodifacoum en diphacinone gebruikt. Deze kunnen wekenlang actief blijven zodat de therapie vaak ook wekenlang nodig is. De therapie bestaat uit het toedienen van vit K aan de patiënt . Dat kan per injectie onder de huid of via de mond met tabletten of een suspensie. In de acute situatie is soms een bloedtransfusie nodig. En heeft het soms zin de patiënt te laten braken om eventueel  in de maag aanwezig gif te verwijderen (maar laten braken met kans op verslikking bij een patiënt met een longbloeding is een risico). Of met absorbantie (als Norit) de opname in de darm remmen.

Het toegediende vit K moet echt vit K1 zijn, andere vormen werken niet goed.

Symptomen van rattengif intoxicatie kunnen bloedingen onder de huid, bloedingen uit wondjes, neusbloeding, bloeding in de maag (bloedbraken of zwarte ontlasting), bloeding in dunne darm (zwarte ontlasting), bloeding in dikke darm (vers bloed op ontlasting, bloedend tandvlees, benauwdheid, bloed ophoesten etc zijn.

Diagnose

Uit het bloedonderzoek bleek inderdaad dat de stolling afwijkend was en dus passend bij een rattengif intoxicatie. 

Behandeling & therapie

Gelukkig reageerde de jack russel goed op de vit K.  Ze krijgt nu 2 tot 4 weken (afhankelijk van de symptomen) vit K1 via tabletten toegediend waarna het stollingsonderzoek herhaald moet worden 48 uur na laatste vit K1 gift. Indien het stollingsonderzoek dan nog steeds afwijkend is, moet nog 2 weken langer vit K1 gegeven worden waarna weer controle bloedonderzoek.